Bosmieren helpen de imkers een handje
Mieren behoren, net als bijen en wespen tot de vliesvleugelige insecten (Hymenoptera). Alle dieren uit deze orde van insecten dragen op een of andere manier bij aan ons eigen bestaan. Denk maar aan de pot met honing die er zonder de bijen niet zou zijn. Of het inzetten van sluipwespen tegen rupsen en luizen in de glastuinbouw. Mieren worden vaak als lastig ervaren. Ze ondermijnen het terras of lopen in kolonne de keuken in op zoek naar voedsel. Bosmieren tref je zelden aan in huis. Ze kunnen soms wel veel in tuinen voorkomen van huizen die aan de rand van het bos liggen. In een bijzonder geval kunnen deze bosmieren zelfs een bezoek brengen aan bijenkasten.
Bosmieren en bijen hebben veel met elkaar van doen. Bijen blijken meer honing te produceren als de kast in de buurt van bosmieren staat. De verklaring hiervoor blijkt een geweldig samenspel tussen de dieren in het insectenrijk. De bosmieren staan bekend om hun opruim functie. De mieren uit een gemiddeld groot nest kunnen meer dan tien miljoen in een half jaar tijd verzamelen. Daaronder vallen niet alleen kleine vliegjes, maar ook sprinkhanen, rupsen en een scala aan schadelijke insecten zoals bladwespen. De bosmieren ruimen daarnaast dode dieren op. Een heel klein deel van het voedsel bestaat uit boomsappen. Maar de belangrijkste voedselbron is honingdauw. Bijna twee derde van het bosmierenmaal bestaat hieruit. Honingdauw is de zoete vloeistof die bladluizen afscheiden.
De grote druk belopen mieren-straten vanuit de mierenhopen lopen vaak langs meerdere bomen. (filmpje) Ze klimmen om hoog om daar op hun ‘luizenboerderij’ aan het werk te gaan. De werkzaamheden op deze boerderij verschillen. De ene mier verzamelt de luizen, door ze op te pakken en bij elkaar te plaatsen. Een andere mier houdt zich bezig met het jagen op sluipwespen en schimmels om de luizen te beschermen. Maar veel mieren zijn vooral bezig met het melken van de luizen. Ze wrijven over het achterlijf van de luizen die daardoor zijn zoete stof afscheid. Elke mier kan zo 1 milligram honingdauw meenemen naar het nest. Je kunt deze mieren herkennen aan hun dikkere achterlijf. Hoewel de mieren zorgen voor meer luizen, zorgen ze zo ook voor minder schadelijke insecten. Het levert de bosmieren voedsel op, maar ook de bijen. Sommige soorten bijen leven uitsluitend van deze zoete stof. De honing die zijn produceren heet dennenhoning.
Voor imkers en natuurbeschermers kan deze samenwerking tussen bosmieren en bijen best interessant zijn. Bijen worden gezien als een van de belangrijkste voorwaarden van ons bestaan: ze bestuiven de bloemen van planten waar wij en alle andere dieren van eten. Het beschermen van bijen is in feite het beschermen van de natuur. Bosmieren kunnen daarbij ook een rol spelen. Door bosmieren beter te beschermen dragen zij bij aan een gezondere en productievere bijenstand.
Bronnen
- Waldbewohnende Ameisen, Dr. Gustav Wellenstein oktober 2010
- ameisenforum.de
- ameisenschutzwarte.de
















[...] gemaakt. Bijen profiteren hier ook van, omdat sommige bijensoorten ook honingdauw ophalen. Voor imkers is dit goed nieuw, want meer honing, hoe [...]